In de lessen geschiedenis van Wim Sterckx (2de en 3de graad D/DA in GO! Daltonatheneum Het Leerlabo Westerlo) ligt het accent op historische vaardigheden: “Vanaf week 1 dram ik erin dat ze de bronnen met volle aandacht moeten bestuderen.” Daarnaast is hij het typische voorbeeld van de leerkracht geschiedenis: de verhalenverteller!
“De eerste les leg ik het systeem van Lernova uit. Waar moeten ze op letten? Welke functie zit er achter elke knop? Dat doe ik in alle jaren waarin ik lesgeef, ook in de zesdes.”
“Valt mijn les na de pauze? Dan zet ik in de pauze het lokaal klaar voor mijn les: de projectie op ‘aan’, Smartschool open voor de afwezigheden, WiFi gecheckt … Doe ik de lokaalwissel en mijn leerlingen niet? Dan zorgen ze dat de laptop al op tafel ligt voor ik er ben. Net zoals ik dat met een handboek eiste.”
“Laptops in de klas: het is niet evident. Er is de onvoorspelbare technische factor: zal alles werken? Ik zet daarom extra in op de beginsituatie van mijn les.”
“In eerste instantie sla ik het kader met de lesdoelen over. Pas na het situeren in tijd en ruimte kom ik daarnaar terug als opzetje naar de theorieopbouw: welke doelen willen we met dit traject bereiken?”
“Wie schreef de bron? Wanneer? Welke betrokkenheid heeft de maker van de bron? Kortom, is de bron wel betrouwbaar en bruikbaar voor ons historisch onderzoek? Tot vervelens toe wellicht klop ik klassikaal op diezelfde nagel. Zodat ze de historische kritiek automatiseren en uit zichzelf toepassen eens individueel aan de slag. Daarom lees ik eerst veel bronnen voor.”
“Ik laat de leerlingen met de notitietool naast een bron argumenten typen over de betrouwbaarheid van de bron. Die notities worden bewaard en kan ik van alle leerlingen overzien. Ik bekijk dat niet allemaal, maar als het nodig is kan ik even hun denkproces volgen.”
“Het is eigen aan de leraar geschiedenis: ik ben een verhalenverteller! En dat blijf ik ook nu we met een digitale methode werken.”
“Heb je een bepaalde dada? Een historische gebeurtenis of een periode waar je over kan blijven vertellen? Doen! Ook al staat er niks over in Lernova, laat de methode dan los. En volg je passie. Gebruik de klas als je bhüne: magistraal theatraal! De leerkracht overstijgt de methode. En daar leent het flexibele Lernova zich net toe. Voeg eventueel deze instructie toe: luister naar het verhaal van je leerkracht.”
“In Lernova is het aanbod rijk. Je moet keuzes maken. Ik schrap volledige trajecten of maak ze korter. Dat lijkt ingrijpend, maar de leerlingen zien het niet. Vroeger bleef het boek deels blanco.”
“Een traject bedoeld voor de doorstroomfinaliteit maak ik korter zodat het op maat is voor mijn klassen in de dubbele finaliteit. Je klinkt snel weg wat te breed of diepgaand is. Het kunnen aanpassen van de methode vind ik de grootste troef van Lernova.”
“Voor de derde graad voorziet Lernova veel inhoudelijke vragen, er zit een duidelijke leerlijn over de graden heen in. De leerlingen moeten wennen aan het beantwoorden van open vragen. Daarom vind ik het niet per se slecht dat een leerling bij een eerste oefening naar het antwoord kan spieken. Hoe is dat antwoord opgebouwd? Hoeveel moet ik in mijn antwoord schrijven? Leerlingen pikken veel op uit goede voorbeelden. Ik bewaak natuurlijk dat ze dit niet constant doen.”
“De oefeningen op het niveau remedïering zijn kennisvragen. Met veel aandacht voor begrippen. Zonder die kennis merk ik toch dat leerlingen het lastiger hebben om vergelijkingen te maken en de bronnen te analyseren. Daarnaast pleit ik bij de remediëring voor een betere werkwijze en werkhouding: actief deelnemen aan de les (ook bij zelfstandig traject), de bindteksten in de methode goed lezen, notities nemen op papier …